Vanaf 1 januari 2022 verplicht de Wet basisregistratie personen gemeenten om voor een briefadres te zorgen als een burger dat niet zelf kan doen. Is zo’n adres niet beschikbaar? Dan moet de gemeente zelf als briefadresgever optreden. Rina Beers, senior beleidsadviseur bij de Vereniging Valente: ‘Gemeenten moeten zich realiseren dat het registreren van dakloze mensen op een briefadres maatwerk is.’  

De Vereniging Valente is de branchevereniging van instellingen voor de maatschappelijke opvang, vrouwenopvang, beschermd en begeleid wonen. Rina vertelt: ‘De opvang betreft onder meer mensen die vluchten voor huiselijk geweld of die dakloos zijn geworden, bijvoorbeeld omdat ze lang in een psychiatrische instelling hebben gezeten, uit detentie zijn gekomen, uit huis zijn gezet of van huis zijn weggelopen.’ 

Zo snel mogelijk registreren 

Deze mensen beschikken vaak niet meer over een woonadres, en staan daardoor ook niet bij de gemeente ingeschreven. Als zij zich bij een gemeente aanmelden voor hulp, zoals opvang of begeleid wonen, is het volgens Rina belangrijk dat deze gemeente hen zo snel mogelijk registreert. Maar gemeenten willen deze burgers vaak en onterecht niet op een briefadres inschrijven. Dat bleek onder meer uit Een mens leeft, een systeem niet, een onderzoek van de Nationale Ombudsman uit 2016 naar problemen rondom inschrijvingen in de Basisregistratie Personen (BRP). ‘Dit is een oude reflex. Gemeenten hebben het idee dat zich mensen op hun grondgebied gaan vestigen die complexe problemen hebben. Ze zijn bang dat deze burgers hen geld gaan kosten of via het briefadres gaan frauderen, bijvoorbeeld met een bijstandsuitkering of huurtoeslag.’ 

Rina Beers
Rina Beers - senior beleidsadviseur bij Vereniging Valente

Rechtszekerheid 

‘Maar ook aan mensen die om welke reden dan ook tussen wal en schip zijn geraakt bieden we in Nederland rechtszekerheid en toegang tot voorzieningen’, aldus Rina. ‘Daarom is het briefadres ontstaan: een tijdelijke oplossing voor mensen die een periode geen vast woonadres hebben. Niet alle mensen zijn immers in staat om een woning te bemachtigen, simpelweg omdat ze het niet kunnen betalen. Maar dat betekent nog niet dat je als overheid zegt dat deze mensen niet bestaan. Vanaf 1 januari 2022 verplicht de Wet basisregistratie personen gemeenten dan ook om voor een briefadres te zorgen als een burger dat niet zelf kan doen. Als zo’n briefadres niet beschikbaar is moet de gemeente zelf als briefadresgever optreden.’ 

Glijdende schaal 

Voor mensen zonder een vast woon- of verblijfplaats is registratie in de BRP met een briefadres cruciaal. Rina: ‘Daarmee voorkom je namelijk dat zij op een glijdende schaal terechtkomen die tot daadwerkelijke dakloosheid kan leiden. Gelukkig kunnen veel mensen zonder vast woonadres bij familie of vrienden op de bank slapen. Denk aan een gescheiden man die voorlopig bij zijn broer logeert. Daardoor raken ze minder snel in de problemen en is er een kleiner risico dat ze uiteindelijk misschien wel op straat moeten gaan slapen. Registratie in de BRP is belangrijk, want alleen dan kunnen ingezetenen aanspraak maken op allerlei voorzieningen, zoals een zorgverzekering.’  

Vertrokken Onbekend Waarheen 

Begin 2019 hadden 514.000 mensen in de BRP de status Vertrokken Onbekend Waarheen (VOW). Daar zitten mensen tussen die nu in het buitenland verblijven of die ergens op een bank logeren. Voorkomen moet worden dat mensen die wel in Nederland verblijven de VOW-status hebben. Dat gebeurt in beginsel met registratie van een woonadres. Is er geen woonadres? Dan is een briefadres noodzakelijk. Overigens denkt men bij de “traditionele” dak- en thuislozen misschien aan sjofel geklede mensen die op straat leven met een winkelwagentje vol oude spullen. ‘Maar het kan bijvoorbeeld ook gaan om mensen die een camping hebben gehad in Hongarije, terugkeren naar Nederland en hier geen woonadres hebben’, benadrukt Rina. 

Studio BRP: samen werken aan adreskwaliteit 

Tijdens Studio BRP in april van dit jaar was het briefadres ook onderwerp van gesprek. Ter sprake kwam onder meer dat een briefadres gemeenten de mogelijkheid biedt contact te houden met de betreffende burger. Een goede procedure rondom een briefadres draait om maatwerk en samenwerking. Gemeenten vinden het daarbij belangrijk de menselijke maat in het oog te houden en gaan op zoek naar de vraag áchter de aanvraag voor een briefadres. Chantal Smit, medewerker Burgerzaken van gemeente Langedijk & Heerhugowaard: ‘We voeren altijd een persoonlijk gesprek - aan de balie of telefonisch. Is er misschien Wmo-zorg of schuldhulpverlening nodig? Contact houden met de burger is het allerbelangrijkste.’ Voor grote gemeenten is dit nog een hele uitdaging, ziet Alice Sonne, onderzoeker Ombudsman metropoolregio Amsterdam. ‘Die gemeenten hebben vaak minder persoonlijk contact. Dan mis je veel op het gebied van fraude. Je bereikt uiteindelijk het meest met een multidisciplinair team.’ 

Studio BRP is in zijn geheel nog te bekijken op ons YouTube-kanaal

Early warning 

Volgens Rina moeten gemeenten zich ervan bewust zijn dat het registreren van dakloze mensen op een briefadres een maatwerkproces is. ‘De afdeling Burgerzaken gaat over de BRP. Maar de medewerkers zouden eigenlijk ook heel goed moeten luisteren naar het verhaal achter de persoon die zich komt inschrijven. Want het vraagstuk rondom een briefadres kan een early warning zijn. Achter het feit dat iemand niet over een woonadres beschikt schuilt vaak langdurige, ingewikkelde sociale problematiek. Daarom is het belangrijk erachter te komen wat iemands verblijfsplaats is. Hoe zijn of haar vooruitzichten zijn. Wat iemand nodig heeft om de stap te zetten van de onwenselijke situatie van een tijdelijk logeeradres naar de wenselijke situatie van een vast woonadres. En wie kan daarbij kan helpen. Zo hebben sommige mensen hulp nodig als ze zich willen inschrijven bij een woningcorporatie, bijvoorbeeld omdat ze analfabeet zijn of niet beschikken over internet.’ 

Integrale toegang 

Meer samenwerking tussen gemeentelijke afdelingen en partijen in het sociale domein vindt Rina dan ook zeer wenselijk. ‘Ik ben heel enthousiast over de gemeente Gouda. Daar hebben ze een zogenoemde integrale toegang ingericht voor mensen die om welke reden dan ook geen woonadres hebben. Op die locatie zijn niet alleen medewerkers van de afdeling Burgerzaken, maar bijvoorbeeld ook medewerkers die over de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning gaan en antwoord kunnen geven op vragen die te maken hebben met de achterliggende problematiek.’ 

Effectieve stappen 

Zo kan elke kleine en grote gemeente volgens Rina verhinderen dat dakloze mensen telkens nieuwe afspraken bij nieuwe loketten moeten maken waar ze telkens hetzelfde ingewikkelde verhaal moeten vertellen. ‘Op die manier beperken we het risico dat dakloze mensen verder afglijden, en zorgen we er samen voor dat zij onderdeel van onze maatschappij zijn en blijven.’